Opschorting van overbrenging

Handreiking Digitaal overbrengen in de praktijk

Wat is opschorting?

Het opschorten van overbrenging betekent dat documenten tijdelijk worden uitgezonderd van overbrenging. Dit is bedoeld voor documenten die het verantwoordelijke overheidsorgaan nog gebruikt na het verlopen van de overbrengingstermijn van tien jaar na creatie. Een opschorting van overbrenging wordt standaard verleend voor een periode van tien jaar. Daarna worden de documenten alsnog overgebracht naar een archiefdienst. Er kan een aparte aanvraag voor verlenging worden gedaan.  

Wettelijke basis

De Archiefwet 2026 is de wettelijke basis voor deze procedure. Die wet voorziet in uitzonderingen van overbrenging. Opschorting is hier één vorm van. Een verantwoordelijk overheidsorgaan met over te brengen overheidsinformatie kan om een machtiging tot opschorting verzoeken. Dit kan op basis van artikel 5.5, tweede lid. Het verzoek wordt ingediend bij de rijksarchivaris, die in mandaat van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) handelt, of bij de Gedeputeerde Staten. 

Het proces

De rijksoverheid en provincies vragen een machtiging tot opschorting aan bij de rijksarchivaris. 

Andere decentrale overheden (zoals gemeenten en waterschappen) vragen een machtiging tot opschorting aan bij de Gedeputeerde Staten.