75 jaar geleden Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS)

Oprichting EGKS foto door Jan Zweerts / Nationaal Archief - Nationaal Archief
17 april 2026

Het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS), ook wel het Verdrag van Parijs, wordt op 18 april 1951 ondertekend. De zes oprichtende landen zijn Frankrijk, West-Duitsland, Italië en de drie landen van de Benelux: België, Nederland en Luxemburg. Zij creëren hiermee een gezamenlijke markt voor kolen en staal. Met vrij verkeer van goederen, kapitaal en arbeid tussen de lidstaten. De EGKS is een belangrijke mijlpaal in de Europese integratie en legt de basis voor de oprichting van de Europese Unie.

In een Europa dat juist aan het bekomen is van de vernietigende gevolgen van de Tweede Wereldoorlog, is er behoefte aan duurzame vrede en stabiliteit. Als cruciaal wordt een Frans-Duitse verzoening gezien. De Franse minister van Buitenlandse Zaken Robert Schuman (1886-1963) lanceert samen met zijn adviseur Jean Monnet (1888-1979) een plan dat die verzoening nastreeft. Schuman ziet de productie van kolen en staal als sector die essentieel is voor de wederopbouw van Europa. Door economische samenwerking met enkele andere belangrijke Europese spelers op dit gebied, zal de welvaart toenemen en vrede worden bevorderd. Het Schumanplan leidt kort daarop tot de oprichting van de  EGKS.

 

Jean Monnet (Fr), voorzitter van de Hoge Autoriteit van de Europese Kolen- en Staalgemeenschap, en Duncan Sandys, Engelse minister van Volkshuisvesting tekenen overeenkomst van samenwerking in Lancaster House in Londen, Collectie Elsevier Buitenland
Jean Monnet (Fr), voorzitter van de Hoge Autoriteit van de Europese Kolen- en Staalgemeenschap, en Duncan Sandys, Engelse minister van Volkshuisvesting tekenen overeenkomst van samenwerking in Lancaster House in Londen, Collectie Elsevier Buitenland

Hoge Autoriteit 

De EGKS start met het opzetten van gemeenschappelijke instellingen. Allereerst de Hoge Autoriteit, het belangrijkste bestuursorgaan van de EGKS. De Hoge Autoriteit is verantwoordelijk voor het toezicht op de werking van de interne markt voor kolen en staal. Zij ontwikkelt beleid dat in het belang is van de zes lidstaten en kan beslissen over de productie en distributie van kolen en staal. 
Ook kan ze besluiten nemen waar lidstaten en bedrijven zich aan moeten houden; bij  overtreding van de regels kan ze sancties opleggen. Andere gemeenschappelijke instellingen zijn de Raad van Ministers, de Vergadering van Parlementariërs en het Hof van Justitie.

Nederland

Nederland, als industrieel land met onder meer Hoogovens (nu Tata Steel Nederland) als grote staalproducent, heeft direct profijt van de gemeenschappelijke markt voor kolen en staal. Gezamenlijke afspraken binnen de EGKS voorkomen prijsoorlogen en overproductie. De Hoge Autoriteit houdt toezicht op de markt en zorgt ervoor dat de productie en distributie van kolen en staal op een eerlijke en efficiënte manier plaatsvindt. Daardoor hebben de bedrijven in Nederland meer zekerheid. Ook leidt samenwerking binnen de EGKS tot normalisering van de betrekkingen met Duitsland.  

Invloed economisch beleid

Door actief deel te nemen aan de gemeenschappelijke instellingen van de EGKS, krijgt Nederland invloed op de ontwikkeling van de Europese integratie en het economisch beleid. Voorbeelden hiervan zijn te vinden in de archieven van het ministerie van Economische Zaken die bij het Nationaal Archief liggen. Zo worden geregeld Kamervragen over de EGKS gesteld. In het bijzonder door de Nederlandse PvdA-politicus Gerard Nederhorst (1907-1979).

Nederhorst signaleert dat in het voorjaar van 1963 de Hoge Autoriteit goedkeuring heeft gegeven aan twee verkoopkantoren om zogeheten ‘Ruhrkolen’ te verkopen. De opzet en structuur van deze twee kantoren is volkomen gelijk aan elkaar. Ze hebben dezelfde belangen en zitten ook nog eens samen in hetzelfde gebouw. Nederhorst vraagt toenmalig minister van Economische Zaken Koos Andriessen of deze constructie niet haaks staat op de anti-kartelbepalingen van het EGKS-verdrag. Zeker nu het Europees Gerechtshof zich eerder heeft uitgesproken tegen een monopolie van de verkoop van Ruhrkolen. In dit geval gaat het om een ‘duopolie’, maar volgens Nederhorst maakt dat de zaak niet anders. Als de minister zijn mening deelt, moet de Nederlandse regering dit voor het Europese Gerechtshof brengen om het betreffende besluit van de Hoge Autoriteit nietig te laten verklaren. De minister laat Nederhorst kort daarna weten dat de Nederlandse regering inderdaad van plan is beroep hiertegen in te stellen.

Einde EGKS

De EGKS stopt officieel op 23 juli 2002. Dit gebeurt na een beslissing van de lidstaten om de werking van de EGKS te beëindigen, nu de oprichting van de Europese Gemeenschap (EG) (later de Europese Unie) de economische en politieke samenwerking verder heeft uitgebreid en versterkt.

Bron in het Nationaal Archief

2.06.087 Inventaris van het centraal archief van het Ministerie van Economische Zaken, (1906) 1944-1965 (1975)

Foto: Jean Monnet (Fr), voorzitter van de Hoge Autoriteit van de Europese Kolen- en Staalgemeenschap, en Duncan Sandys, Collectie Elsevier Buitenland.