Sinds eind 2023 kan iedereen via de Arbeidsinzet-index zoeken naar Nederlanders die in Duitsland tewerkgesteld waren tijdens de Tweede Wereldoorlog. Maar dat niet alleen. De index bevat ook namen van Nederlanders die om andere redenen in Duitsland verbleven tijdens de Tweede Wereldoorlog. Zo komen er NSB-families in voor, die na Dolle Dinsdag (5 september 1944) naar Duitsland vluchtten. Ook vinden we er namen van Nederlandse vrouwen die bevielen in een Lebensbornkliniek.
Lebensborn
De organisatie ‘Lebensborn’ werd in 1935 opgericht in Nazi-Duitsland om zoveel mogelijk ‘raszuivere’ kinderen ter wereld te laten komen. Daarom runde de organisatie verschillende kraamklinieken. Hier konden (de vaak ongehuwde) Arische vrouwen die zwanger waren van een SS-er, hun kind ter wereld brengen. Veel van de kinderen die geboren werden in een Lebensbornkliniek werden geadopteerd door hooggeplaatste SS-ers.
Collectie Arbeidsinzet
De eerste Lebensborn-kliniek ‘Heim Hochland’ werd geopend in het plaatsje Steinhöring, in de buurt van München. Dat hier ook Nederlandse vrouwen bevielen, blijkt uit een namenlijst uit de Collectie Arbeidsinzet. Deze collectie bestaat uit administraties (o.a. van Duitse gemeentes), die het Rode Kruis na de oorlog opvroeg om Nederlanders in Duitsland op te sporen. Op een namenlijst van de gemeente Steinhöring staan Nederlandse vrouwen die tijdens de Tweede Wereldoorlog (tijdelijk) in ‘Heim Hochland’ verbleven.
Julia Op ten Noort
Eén van die vrouwen was de adellijke Julia Op ten Noort (1910-1994). Julia was al vroeg in de jaren dertig een fervent aanhangster van het nationaalsocialisme en sinds 1934 bevriend met Reichsführer SS Heinrich Himmler. In Nederland richtte ze de Nationaal-Socialistische Vrouwen Organisatie (NSVO) op. Daarnaast was ze vanaf 1942 directrice van de enige Nederlandse nazi-eliteschool voor meisjes (de Reichsschule für Mädel) in Heythuysen (bij Roermond).
Hoge eisen
In 1943 raakt Julia zwanger. Over deze zwangerschap is meer te lezen in haar dossier uit het Centraal Archief Bijzondere Rechtspleging. In dit archief zitten dossiers van mensen die verdacht werden van samenwerking met de Duitse bezetter. In haar dossier verklaart Julia: ‘Vanaf 1937 had ik steeds al een verlangen naar het moederschap, temeer, omdat ik ervan overtuigd was dat een vrouw zonder deze belevenis geen werkelijke vrouw was.’ Het duurt een aantal jaar voor ze daadwerkelijk zwanger raakt. De reden is dat ze, zoals ze zelf aangeeft, ‘bijzondere hoge eisen stelde aan de vader van het kind.’ Het moest natuurlijk een raszuivere Ariër zijn.
Getrouwd en 4 kinderen
De vader van haar kind leert ze uiteindelijk in 1942 kennen in Duitsland. Hij is een gehuwde SS-er: ‘De naam van de vader wil ik niet gaarne noemen, aangezien hij getrouwd was en 4 kinderen had.’ Omdat het op de Reichsschule niet bekend mag worden dat Julia zwanger is, bezorgt Himmler haar een alibi: hij stuurt haar voor een lange dienstreis naar het buitenland. In werkelijkheid gaat ze naar Heim Hochland om daar te bevallen.
Heinrich
In een brief van 28 februari 1944 vertelt Julia haar broer over de geboorte van haar zoon: ‘Ik ben overgelukkig met het kleine wezen!’ Ze noemt hem Heinrich, naar de middeleeuwse Duitse koning Heinrich I, van wie ze afstamde, én naar Heinrich Himmler: ‘Juist deze 2 figuren moeten in zijn leven een doorlopende herinnering zijn aan de idieele [sic] opgaven die hem gesteld zullen worden.’ Julia verwacht dat haar zoon in de toekomst een belangrijke rol zal spelen in het Derde Rijk. Het loopt anders. Op 30 april 1945 pleegt Hitler zelfmoord en begin mei capituleert het Duitse leger. De oorlog is voorbij. Julia wordt na de oorlog veroordeeld tot 2,5 jaar gevangenisstraf. Nadat ze haar straf deels heeft uitgezeten vertrekt ze naar Duitsland, waar ze in 1994 overlijdt. Met haar zoon loopt het niet goed af. Hij raakt verslaafd aan alcohol en wordt in 1998 dood aangetroffen in zijn woning in Frankfurt.
Zelf onderzoek doen?
Bekijk de vermeldingen van Julia Op ten Noort in de Arbeidsinzet index.
De CABR-dossiers van Julia Op ten Noort vindt u in inventarisnummer 104625 (dossier 9578/VII/47) en in inventarisnummer 34678 (dossier 1693) uit het CABR (archiefnummer 2.09.09): website Oorlog voor de Rechter.