2.21.127 Inventaris van het archief van W.A. Ockerse [levensjaren 1760-1826], 1796-1798

Download inventaris als:PDF|XML Download inventaris Download inventaris Sluiten
Taalgebruik in onze archieven Taalgebruik in onze archieven Ik heb het begrepen

Archiefvorming

Geschiedenis van de archiefvormer

Willem Anthonie Ockerse werd op 16 april 1760 in Vianen geboren als zoon van notaris Rudolphus Ockerse (1730-1807) en Alida Joorman (1731-1822). Op 16-jarige leeftijd ging hij in Utrecht theologie studeren.
Reeds in zijn studententijd vertoefde hij veel in literaire kringen en was bevriend met o.a. Jacobus Bellamy. Na in 1781 het proponentsexamen met succes te hebben afgelegd werd hij in 1782 predikant in Baarn. Twee jaar later ging hij het ambt van predikant in Wijk bij Duurstede bekleden. Op 17 april 1787 huwde hij met Alida Baudina Titia Bruyn, dochter van de Wijkse burgemeester. Zij kregen vier kinderen, één (jonggestorven) zoon en drie dochters, die ongehuwd zijn gebleven. Door zowel zijn bemoeienis met de politiek - hij schreef twee oproerwekkende pamfletten - als een minder goede gezondheid leidde een in 1795 begonnen ontslagprocedure twee jaar later tot zijn definitieve ontslag als predikant in Wijk bij Duurstede.
Ockerse vestigde zich vervolgens in Amsterdam waar hij aanvankelijk werkte aan het laatste deel van zijn "Ontwerp tot eene algemeene Characterkunde" waarvan hij reeds eerder twee delen had voltooid. Ondanks zijn patriottische gezindheid publiceerde hij in 1797 geen politieke geschriften.
In september 1797 werd hij lid van de tweede Nationale Vergadering, waaruit ook zijn werkzaamheden voortvloeiden ten behoeve van de tweede Commissie voor het ontwerpen van een Plan tot Constitutie en de weer hieruit ontstane subcommissie-Konijnenburg.
Ockerse ontplooide zich tot een radicaal lid van de Nationale Vergadering, die tijdens de vele bijeenkomsten van de Vergadering zijn redenaarstalent ten volle kon ontplooien. Na de staatsgreep van 22 januari 1798 was hij ook lid van de Constituerende Vergadering en de Constitutiecommissie en maakte hij zelfs nog gedurende korte tijd deel uit van het Vertegenwoordigend Lichaam. Bij de tweede staatsgreep werd hij op 12 juni 1798 op het Huis ten Bosch gevangen gezet, maar waarschijnlijk in juli reeds weer vrijgelaten. Daarna trok Ockerse zich uit het politieke leven terug en begon met Willem Cornelis van Vloten een handel in effecten te Amsterdam, die aanvankelijk floreerde maar later zeer slecht liep. Bovendien ontwikkelde hij activiteiten als tijdschriftredacteur en "filantroop".
In 1810 werd Ockerse wederom predikant door het aanvaarden van een beroep, uitgebracht door de hervormde kerk van Limmen (bij Alkmaar). In 1818 noodzaakte zijn gezondheid hem evenwel opnieuw dit ambt neer te leggen en werd hij tot tweede secretaris van de kort daarvoor opgerichte "Maatschappij van Weldadigheid" benoemd. Hij voerde het redacteurschap van "De Star", het tijdschrift van de Maatschappij en was daarnaast zelf nog steeds literair actief. Zo verscheen in 1825 en 1826 te Amsterdam zijn "Vruchten en Resultaten van een zestigjarig leven" in 3 delen. In 1824 en 1825 woonde hij als afgevaardigde der kerkelijke "Commissie voor de zaken der Protestantse kerken in Oost- en West-Indië" de Algemene Synode der Nederlandse Hervormde kerk bij.
Op 19 januari 1826 overleed Ockerse in Den Haag.

Geschiedenis van het archiefbeheer

In sommige gevallen behoren archivalia waarschijnlijk niet in zijn archief te berusten maar zijn ze hier omwille van de eenheid van het archief in gelaten. Wel is een fotokopie van het eerste reglement van orde voor de Commissie tot het ontwerpen van een Plan van Constitutie aan het archief van laatstgenoemde commissie toegevoegd.
Pas in 1967 zijn de papieren van Ockerse in het bezit van het Algemeen Rijksarchief gekomen door een schenking van de gemeentearchivaris van Leeuwarden, jhr. drs M.J. van Lennep, die ze in zijn persoonlijk bezit had.
De rechtstitel is (nog) onbekend