Lezing: Herman Keppy over verzetsstrijders van kleur in het Haagse verzet

Zoals een witte verzetsstrijder schreef: “Hij is pikzwart en komt uit de West.” Met dat citaat laat Keppy zien hoe verzetsmensen van kleur in die tijd werden gezien, zelfs door hun bondgenoten.

Al tijdens de Tweede Wereldoorlog wonen er mensen uit de voormalige koloniën in Nederland. Ongeacht of zij politiek links of rechts georiënteerd zijn en of zij koloniaal of antikoloniaal denken, zien velen van hen de Duitse bezetter als een bedreiging. Een groot aantal van hen is actief in het verzet. Op zaterdag 11 april vertelt journalist en onderzoeker Herman Keppy over verzetsmensen van kleur in Den Haag.

Verzetsstrijders van kleur

Zo vertelt Keppy over de Javaanse verzetsstrijder Tolé Madna, die in de Van Kinsbergenstraat het zoontje van een Joodse kleermaker onder zijn hoede neemt. De Surinaamse verzetsstrijder Humphrey Norbert Rijk van Ommeren leidt een verzetsgroep op het Thomsonplein die zich inzet voor onderduikers. Ook zijn broers Henk en Frank doen mee en moeten dat met de dood bekopen. Hetzelfde lot treft de Surinaamse verzetsstrijders Anton de Kom uit de Johannes Camphuijsstraat en Waldemar Nods uit de Pijnboomstraat.

Een witte verzetsstrijder schreef: “Hij is pikzwart en komt uit de West.” Met dat citaat laat Keppy zien hoe verzetsmensen van kleur in die tijd werden gezien, zelfs door hun bondgenoten.

Herman Keppy

Herman Keppy schreef het hoofdstuk Hij is pikzwart en komt uit de West in het boek Een land in verzet, verschenen in 2025 bij uitgeverij Balans. Dat hoofdstuk gaat specifiek over verzetsstrijders van kleur in Nederland. Deze lezing hoort bij de tentoonstelling Zorg voor het verzet – De roerige geschiedenis van Stichting 1940-1945. Deze tentoonstelling is tot en met 18 juli 2026 te zien in het Nationaal Archief.